Historie 3

12. Het agrarisch dorp

De kerk in Westerbork is in de herfst- en wintermaanden vanuit Zwiggelte niet bereikbaar vanwege het vele water in de Borkerstroom. Vanaf de 12e tot aan de 19e eeuw lopen de Zwiggelters dan ook via deze straat , het kerkpad, te voet naar de Stefanuskerk in Beilen. In het dorp wonen voornamelijk boeren die de rondom liggende akkertjes beweiden of bewerken. Op de akkers naast het kerkpad wordt geploegd, gezaaid, gemaaid en geoogst; met de hand, met behulp van paardenkracht en na de oorlog met de tractor.

13. De es

Zwiggelte is een esdorp ingeklemd tussen de Westeres en de Oosteres. Essen zijn hoger gelegen stukken grond. Op de vaak kleine perceeltjes werden collectief gewassen verbouwd en vee beweid, maar de grond was wel individueel bezit. De Westeres bijvoorbeeld bestond uit tientallen strookjes land, vaak afgezet met keitjes. Elk akkertje had een eigen naam. Na de ruilverkaveling in de jaren vijftig en zeventig worden de akkers grootschaliger. De Westeres diende ooit als mietenakker. Tegenwoordig wordt er weer koren (gerst en rogge) verbouwd en tevens mais, aardappels, bieten of bloembollen.

14. zevenhuisjes

De arbeiders-huisjes aan de Ripkampenweg, de ´ rode huusies´  vanwege de rode dakpannen worden in 1947 neergezet. In heel Nederland is de woningnood groot, zo ook in Zwiggelte. Op initiatief van de gemeente worden aan de Ripkamperweg zeven huisjes gebouwd. Opmerkelijk genoeg geen rijtjeshuizen of twee-onder-een kap, maar vrijstaande, gelijkvormige gezinswoningen met vrij uitzicht over de landerijen en allemaal met een grote (moes)tuin. In eerste instantie niet voor de zonen en dochters uit het dorp, die trouwen en gingen bij hun ouders in. De huisjes krijgen werknemers van gemeente en Rijkswaterstaat, boerenarbeiders en onderwijzer als bewoner. Begin jaren tachtig worden de eerste huizen al weer afgebroken, de laatste in 1992.

15. De oude Brink

Dit hofje van boerderijen behoort tot de oudste van Zwiggelte, gebouwd in de 17e en 18e eeuw. Typisch aan deze oude boerderijen is dat de baanderdeuren aan de straatkant zijn gelegen. Voor de stalling van paard en wagen en later tractor, maar vooral voor de schapen. Elke ochtend brengen de boeren hun schapen naar de brink, waar de plaatselijke herder de kudde onder zijn hoede neemt en laat grazen op de heidevelden in de omgeving. Bij terugkomst lopen de schapen vanaf de brink via de baanderdeuren zelfstandig de schaapskooi in. Het woongedeelte van de boerderij is niet in het zicht, maar kijkt uit op de stukken land. Tot de jaren zeventig zijn deze boerderijen in bedrijf geweest, daarna zijn ze verbouwd tot woonboerderij.

16. De melkfabriek

Zo ziet de melkfabriek er nu uit in Zwiggelte.

Zwiggelte kent precies twaalf jaar een eigen melkfabriek, van 1899 tot 1911. Een handkracht-melkfabriekje waar vooral boter wordt gemaakt, omdat vervoer van de melk richting Westerbork de kwaliteit niet ten goede komt. Als echter de zandweg tussen Zwiggelte en Westerbork verhard wordt, kan de melk zonder kwaliteitsverlies geleverd worden aan de stoomfabriek in Westerbork. Het fabriekje wordt omgebouwd tot woonboerderij. De laatste melkbus wordt in Zwiggelte opgehaald op zaterdag 27 oktober 1977.

17. De Boermarke

Zo ziet de Boermarke er nu uit in Zwiggelte.

De Boermarke van Zwiggelte is een van de 87 nog bestaande Boermarkes in Drenthe. Een Boermarke is een samenwerkingsverband tussen boeren. Vanaf de dertiende eeuw worden grenzen vastgesteld en regels opgesteld voor het gebruik van gemeenschappelijke gronden. Tegenwoordig is het bestuur van de Boermarke vooral belangrijk als beheerder van gezamenlijk aangeschafte landbouwwerktuigen en verhuurder van landbouwgronden als jachttreinen. De marke van Zwiggelte heeft nog altijd een boerhoorn uit 1862. Tegenwoordig niet meer in gebruik, maar tot ver in de jaren zeventig werden de boeren van Zwiggelte bij elkaar "geblazen" bij bijzondere gelegenheden, zoals de weg sneeuwvrij maken voor een begrafenisstoet of de ijsbaan schoonvegen. 

De boermarke is een historisch verankerd samenwerkingsverband van boeren in Zwiggelte. Het is zo oud als het dorp zelf en vanaf omstreeks 1200 al actief en nog steeds springlevend. Op dit moment gaat het om samenwerking van 40 grondeigenaren in Zwiggelte, waarvan 25 actieve boeren. Zodra je meer dan 1 hectare grond buiten de dorpskern bezit kun je markegenoot worden. Het boermarke gebied van Zwiggelte wordt begrensd door het Oranjekanaal aan de noordzijde, en de Beiler- en Westerborkerstroom aan de oost- en zuidzijde.

Samenwerking doen we op hele diverse gebieden zoals:

  • faunabeheer en weide- en akkervogelbeheer over een gebied van 750 hectare.
  • aankoop en gebruik van landbouwwerktuigen, deze staan gestald in de Boerschuur
  • een gezamenlijke spoelplek om werktuigen en tractoren op een duurzame wijze schoon te maken
  • afstemming over relevante zaken met Dorsbelangen, Staatsbosbeheer, Waterschap en gemeente
  • op provinciaal niveau werken we samen met 85 andere Boermarken onder de paraplu van de vereniging van Drentse Boermarken

De boermarke heeft sinds jaar en dag een goede verbinding met de dorpsgemeenschap, dit vertaalt zich onder andere door beschikbaar te stellen van grond voor de ijsbaan en door in de Boerschuur een ruimte beschikbaar te stellen voor opslag van "oud" papier.

De boermarke van Zwiggelte is in het bezit van een fraaie honderd-en-vijftig jaar oude boerhoorn. In de hoorn staat als oudste jaartal 1862 gegraveerd; er wordt vanuit gegaan dat de runderhoorn met initialen sinds dat jaar als boerhoorn dienst heeft gedaan. In Drenthe wordt al eeuwen op een boerhoorn geblazen. Waren er belangrijke mededelingen dan werden die aangekondigd met het boerhoorn. Moesten de zandwegen opgeknapt worden of sneeuw geruimd dan werd de mannelijke bevolking bijeengeblazen door de volmachten van de boermarke. Deze Zwiggelter boerhoorn is ongeveer 33 centimeter lang. Er staan 3 jaartallen in gegraveerd (1862, 1867 en 1877). Daarnaast zijn er ca. 35 initialen in gekerfd. Dit zullen de initialen zijn van de diverse volmachten van de boermarke.

Er zijn veel veranderingen in de landbouw en om die reden is de Boermarke bezig met een toekomstvisie. Naast wat we nu doen willen we ons nog meer inzetten voor het aantrekkelijk maken van het buitengebied voor zowel dorpsbewoners als landbouw.

De Boermarke wordt bestuurd door 3 volmachten (voorzitter Erik Koning, penningmeester Jacob Stroomberg en secretaris Theo Heling), 2 keer per jaar is er een vergadering voor alle markegenoten.

Nadere informatie kan verkregen worden bij Theo Heling, 0653337549.

18. De Zevenhof

Tot begin jaren zeventig is het huidig vergader - en recreatieverblijf de Zevenhof gewoon een boerderij. De schuur rechts van de baanderdeur wordt ´ het bollenhok´  genoemd. Daar staat de stier (de bol) van de fokvereninging Zwiggelte die er voor zorgt dat de veestapel van de boeren in Zwiggelte op peil blijft. Vanaf de jaren zestig stoppen veel boeren met hun bedrijf of verhuizen naar de buitengebieden, alsonderdeel van de ruilverkaveling. De boerderijen worden verkocht aan nieuwkomers die in de jaren voor weinig geld een boerderij kunnen overnemen.

19. De hoofdstraat

De hoofdader van het dorp is de Hoofdstraat. Lange tijd een verhard zandpad met slechts een paar petroleumlampen als verlichting. In 1926 krijgt de dorpskern van Zwiggelte na lang aandringen, elektriciteit. Pas in 1989 krijgt de laatste woning in Zwiggelte, aan de Westeres, een aansluiting, die uit eigen middelen betaald moet worden. Telefoon is er voor de oorlog alleen in het plaatselijk café. Riolering krijgt het dorp vanaf begin jaren vijftig, als de eerste ruilverkaveling plaatsvindt, zij het voor slechts dertien woningen. De meeste boeren blijven gebruik maken van een septictank of zinkput. In 1974 zijn alle huizen aangesloten. Eind jaren vijftig krijgt het dorp een waterleiding en het eerste gas arriveert in 1964 in Zwiggelte. In 2017 wordt het glasvezelnet aangelegd.

20. De Brink

Ooit bestond Zwiggelte uit enkele boerderijen, vaak hofje/brink genoemd. Het oudste hofje staat aan de Zevenhoeksweg. De brink op deze foto is een cluster van drie boerderijen: de rechter en de middelste uit de 17e, 18e eeuw, de boerderij links uit de 19e eeuw. De middelste boerderij valt onder monumentenzorg. Vooral de eeuwenoude monumentale eiken geven een eigen karakter aan dit hofje. Vanaf de jaren tachtig zijn alle boerderijen verbouwd tot woonboerderij.

Van Zwiggelte naar Manhattan: fortuinen verlies van de Drentse familie Eltinge

Dit artikel mogen wij gebruiken met toestemming van © RTV Drenthe/ Sophie Timmer

Wie vandaag door Zwiggelte wandelt, moet wel heel erg z´ n best doen zich een paar eeuwen terug te wanen. In een dorp waarvan de brink geen brink meer is en waar aan weerszijden van de doorgaande weg moderne boerderijen staan. Op de hoek van de huidige Hoofdstraat en Brinkweg stond in de zeventiende eeuw de Eltingehof, een omvangrijk boerenbedrijf dat zich uitstrekte tot aan de Zevenhoeksweg. 

Zwiggelte. Erve Eltinge II , tegenwoordig Zevenhoeksweg © Drents Archief, Collectie Van Weydom Claterbos

Hier woonde de familie Eltinge. Geen kleine boeren. Ze leverden rechters aan de etstoel, het hoogste rechtscollege van de provincie en een bestuurder aan het gewest Drenthe. Ze bezaten meerdere boerderijen, vruchtbare grond en genoten aanzien. Een van hen was een landverhuizer: Jan Eltinge vertrok in de jaren 50 van de 17e eeuw naar de nieuwe wereld.

Ze dachten niet dat 'ie dood was, is mijn overtuiging. Ze wilden dat 'ie dood was. En ze stelden ook dat 'ie dood was. Fred Sieders

Boerenzoon wordt 'prominent citizen'

Deze boerenzoon, Jan Eltinge, was omstreeks 1657 vanuit Zwiggelte naar Nieuw-Nederland, het huidige New York vertrokken. Hij bouwde een boerderij in Flatbush, tegenwoordig is dat Brooklyn, een onderdeel van New York. Hij stichtte een kerk, en als hij dieper de kolonie Nieuw-Nederland is ingetrokken, wordt hij zelfs rechter. Hij trouwt en krijgt acht kinderen. In de archieven komen we hem later tegen als a prominent citizen. In 1679 bereikte hem het bericht dat zijn ouders in Zwiggelte waren gestorven en dat hij, Jan Eltinge dus, officieel dood is verklaard door zijn eigen bloedverwanten, zodat zij zijn erfdeel kunnen behouden. Sieders: "Ze dachten niet dat 'ie dood was, is mijn overtuiging. Maar ze wilden dat 'ie dood was en ze stelden ook dat 'ie dood was. Hij zou kort na aankomst in de nieuwe wereld zijn overleden. Maar dat werd betwist door familie die hier ook woonde en die ook weer relaties hadden in Amerika, die wel beter wisten."

Retourtje Zwiggelte voor kolonist Jan Eltinge

De Drentse Etstoel bemoeit zich ermee en spreekt zijn oordeel uit: als Jan Eltinge nog leeft, dan moet hij het hier ter plekke komen bewijzen. En Jan Eltinge maakt de lange oversteek. Nog een keer, om zijn gelijk te bewijzen en zijn erfdeel op te eisen.

Fred Sieders, onderzoeker en in het dagelijks leven rechter in Assen, deed er onderzoek naar in het Drents Archief. Voor de Nieuwe Drentse Volksalmanak schreef hij het artikel: 'Bunders en acres. De strijd van de Eltinges om 'behoud van eigendom in Zwiggelte'.

De erven Eltinge II (links) en Eltinge III, gebouwd in 1763 (rechts), gescheiden door de Boerstege, tegenwoordig Zevenhoeksweg 6 en 1. Foto: Gerrit Oosterveen, 1967

© Drents Archief, fotocollectie provinciale monumentenzorg

In de negentiende eeuw raakte de familie haar bezittingen in Zwiggelte kwijt. De twee boerderijen werden rond 1830 en 1842 publiek verkocht. De laatste Eltinges in Zwiggelte - twee vrijgezelle broers, overleden rond 1870. Daarmee eindigt vier eeuwen familiegeschiedenis op Drentse bodem. Maar dankzij Jan in Amerika leeft de naam voort. In de Amerikaanse staat New York bestaat nog altijd de Elting Memorial Library in New Paltz, opgericht door nakomelingen van Jan Eltinge. In dat dorp staan ook nog drie achttiende-eeuwse huizen die ooit van Eltinges waren.

21. De dorsmachine

Een net dorp, met aan weerszijden van de hoofdstraat eikenbomen, de boerderijen afgezet met witte stenen paaltjes of een geteerde houten afrastering. De weg is leeg, heel soms een fiets of hond. De grootste activiteiten in het dorp speelt zich af op het boerenerf. Soms in oogsttijd, wordt de weg gebruikt door een dorsmachine of gaat de berenhouder met beer (mannelijk varken) op weg naar een nieuwe klant. Een oud beroep was dat van berenhouder. Daarmee ging een man met zijn beer langs varkensbedrijven om daar de berige zeugen door zijn beer te laten dekken, zodat er biggen kwamen die konden worden opgefokt voor vlees. 

22. De hallenboerderij

Een van de meest gefotografeerde boerderijen in Zwiggelte, althans het linkergedeelte, is deze hallenhuisboerderij met een middenlangsdeel onder een hoog rieten wolfsdak. Het is een van de oudste panden in Zwiggelte, daterend uit 1611. De rechter boerderij met schuur is in 1970 afgebroken. Door achterstallig onderhoud is de boerderij niet meer bewoonbaar. De nog bestaande boerderij valt onder monumentenzorg.

In Drenthe zijn zogenaamde hallenhuisboerderijen te vinden, ook wel hallehuis of hallenhuis. Tot de    hallenhuisboerderijen vallen een groep bouwwijzen van boerderijen die met name te vinden zijn in het  noorden van Duitsland en het midden en het oosten van Nederland, waaronder Drenthe. Deze soort historische boerderijen komt bijna in heel Nederland voor en is dan ook de belangrijkste groep. De boerderijen zijn langgestrekte, driebeukige gebouw met de deel in het midden en de stallen aan beide zijden. Eerst hadden de boerderijen lemen vakwerkwanden en dak van stro of riet, later hebben de boerderijen bakstenen muren en dakpannen (laatste eeuwen). Kenmerkend voor dit type huis is het gebruik van ankerbalkgebinten. Het voorste deel van de boerderij is het woongedeelte en het achterste deel de deel met de stallen. Boven de deel wordt de hooi opgeslagen. In Drenthe zijn de boerderijen met een dwarsdeel te vinden. Bij dit type zitten toegangsdeuren aan de zijkant. Deze boerderijen waren gemengde bedrijven, waarbij door het dwarsdeel de ruimte beter kon worden benut. Oogst kon worden opgestapeld op de grond.

23. Het kleine café 

Het café is het middelpunt van het dorp. Alle dorpsactiviteiten vinden er plaats: de kalverkeuringen, er wordt vergaderd door de boeren, er worden boerderijen en stukken land geveild, de ijsvereniging Rijlust houdt haar jaarvergaderingen in het café en de zang - en toneelvereniging hebben er onderdak. Het pand bestaat in de beginjaren uiteen woning, een café en een kruidenierswinkel. Later maakt de winkel plaats voor een slijterij. Ook alle feesten en partijen vinden in de zaal van het café plaats. Tegenwoordig is de voormalige caféruimte  restaurant geworden. Naast het café werd op 14 november 1986 het dorpshuis geopend. Nu heet het café - restaurant de Klipper. 

24. Het grote café

Vergane glorie. Het boerderijtje links op de voorgrond op de grote foto is eind jaren vijftig afgebroken. Daarnaast café Koops, gebouwd in 1925 en gesloten in de jaren zestig. Midden jaren zestig wordt het pand opgekocht door door de honderd meter verderop gelegen smederij annex mechanisatiebedrijf. Het voormalige café wordt omgebouwd tot werkplaats en op de plek waar het boerderijtje staat wordt een showroom neergezet. In 1991 stopt mechanisatiebedrijf op deze plek. In het pand wordt een cosmeticabedrijf gevestigd, dat in 2014 zijn activiteiten in Zwiggelte beëindigt. Na jaren leegstand krijgt het complex in 2020 een woonfunctie.